12 april

Op 12 april 1966 werd RMS-president Chris Soumokil in Indonesië geëxecuteerd. Veel Molukkers hangen op deze dag de RMS-vlag halfstok.

25 april

Op 25 april 1950 werd in Ambon de Republik Maluku Selatan (RMS) uitgeroepen. De dag wordt jaarlijks herdacht.

Alifuru

Benaming voor de oorspronkelijke bewoners van de Molukse eilanden, met name van Seram.

Bahasa

Maleis en Indonesisch voor 'taal'. Ook gebruikt als korte naam voor Bahasa Indonesia.

Ballingschap

Leven buiten het eigen land zonder te kunnen terugkeren. De RMS-regering zetelt in ballingschap in Nederland.

Beta

'Ik' in het Moluks Maleis.

Cakalele

Traditionele Molukse krijgsdans met zwaard en schild.

Cengkeh

Maleis voor kruidnagel, een van de specerijen waardoor de Molukken wereldberoemd werden.

Dekolonisatie

Het proces waarin een kolonie onafhankelijk wordt. Voor Nederlands-Indië vooral de periode 1945–1949.

Eerste generatie

De Molukkers die in 1951 naar Nederland kwamen. Hun kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen vormen de tweede, derde en vierde generatie.

Gandong

Verbond tussen dorpen op de Molukken op basis van gedeelde afstamming.

Indisch

Verwijst naar mensen en cultuur met wortels in voormalig Nederlands-Indië, vooral Indische Nederlanders.

Indo

Iemand van gemengd Europese en Indonesische afkomst uit voormalig Nederlands-Indië.

Inspraakorgaan Welzijn Molukkers

Overlegorgaan dat namens Molukse organisaties met de Nederlandse overheid praat, afgekort IWM.

Kamp Schattenberg

De naam van het voormalige kamp Westerbork in de periode dat er Molukse gezinnen woonden.

Kampong

Wijk of buurt in een Indonesisch of Moluks dorp. Ook gebruikt voor de eigen buurt.

Kapitan

Krijgsleider in de traditionele dorpsorganisatie op de Molukken.

Kawin

Moluks Maleis voor trouwen of huwelijk.

Kepala negara

Letterlijk 'staatshoofd'. Titel van het hoofd van de RMS-regering in ballingschap.

KNIL

Koninklijk Nederlandsch-Indisch Leger: het koloniale leger in Nederlands-Indië, opgeheven in 1950. Bij aankomst in Nederland in 1951 werden de Molukse KNIL-militairen ontslagen.

Lagu-lagu

Molukse liederen. 'Lagu' betekent lied.

Menari

Dansen.

Moluks Maleis

De omgangstaal van veel Molukkers in Nederland, ook Melayu Ambon genoemd.

Molukse wijk

Woonwijk die vanaf de jaren zestig speciaal voor Molukse gezinnen werd gebouwd.

Negeri

Dorp of dorpsgemeenschap op de Molukken, met een eigen bestuur en eigen gewoonten.

Njai

Inheemse huishoudster en bijvrouw van een Europese man in Nederlands-Indië.

Papeda

Pap van sagomeel, van oudsher een basisgerecht op de Molukken.

Pela

Verbond tussen twee of meer dorpen, met wederzijdse hulp en verplichtingen.

Pesta

Feest.

Pulang

'Naar huis gaan': terugkeren naar de Molukken, tijdelijk of voorgoed.

Raja

Dorpshoofd op de Molukken.

RMS

Republik Maluku Selatan, de Republiek der Zuid-Molukken, uitgeroepen op 25 april 1950.

Rumah tua

Het stamhuis van een familie of clan in het dorp van herkomst.

Sagu

Sago: zetmeel uit de sagopalm en van oudsher basisvoedsel op de Molukken.

Sasi

Traditionele regel die het oogsten of vangen van natuurlijke bronnen tijdelijk verbiedt.

Sidi

Belijdenis doen in de protestantse kerk, een belangrijk moment voor veel Molukse jongeren.

Sopi

Sterke drank, gestookt uit palmsap.

Specerijen

Kruidnagel en nootmuskaat: de reden dat Europeanen, waaronder de VOC, naar de Molukken kwamen.

Tahuri

Schelphoorn die wordt geblazen om mensen bijeen te roepen of iets aan te kondigen.

Tanda mata

Letterlijk 'aandenken'. Ook de naam van MOZA's project over Molukse lichaamsversiering.

Tifa

Molukse handtrom van uitgehold hout, bespannen met dierenhuid.

Totok

Europeaan in Nederlands-Indië zonder Aziatische voorouders.

Treinkapingen

In 1975 bij Wijster en in 1977 bij De Punt kaapten jonge Molukkers een trein om aandacht te vragen voor de RMS-idealen. In 1977 werd ook een school in Bovensmilde bezet.

Ulu Kora

Het Nationaal Moluks Monument aan de Lloydkade in Rotterdam, ingehuldigd in juni 2026.

VOC

Verenigde Oost-Indische Compagnie: de Nederlandse handelscompagnie (1602–1799) die de specerijenhandel op de Molukken beheerste.

Woonoord

Kamp of woonlocatie waar Molukse gezinnen na 1951 werden ondergebracht, vaak een voormalig kamp.

Zelfbeschikking

Het recht van een volk om zelf over zijn politieke toekomst te beslissen.