Mijn Molukse oma kan niet meer alleen wonen: welke zorg is er?

Oma vergeet steeds vaker dingen, valt een keer, of kan het huishouden niet meer aan. De familie helpt al veel, maar het wordt te zwaar. Het korte antwoord: er is hulp. Voor hulp thuis ga je naar de gemeente (Wmo). Voor verpleging thuis naar de wijkverpleging (zorgverzekering). Heeft oma de hele dag zorg of toezicht nodig, dan vraag je de Wet langdurige zorg (Wlz) aan bij het CIZ.

Hoe zit het?

In Nederland is de zorg voor ouderen verdeeld over drie wetten:

  • Wmo (Wet maatschappelijke ondersteuning 2015), via de gemeente. Bijvoorbeeld huishoudelijke hulp, begeleiding, dagbesteding, vervoer, hulpmiddelen zoals een rolstoel, woningaanpassingen zoals een traplift en ondersteuning voor mantelzorgers.
  • Zorgverzekeringswet, via de zorgverzekeraar. Wijkverpleging: verpleging en verzorging thuis, zoals hulp bij wassen en aankleden. Je hebt geen verwijzing van de huisarts nodig en er geldt geen eigen risico.
  • Wlz (Wet langdurige zorg). Voor mensen die de hele dag intensieve zorg of toezicht dichtbij nodig hebben. Met een Wlz-indicatie kan oma naar een verpleeghuis, maar ze kan ook thuis blijven wonen als dat veilig kan.

Wat kun je doen?

  1. Meld je bij de gemeente. Neem contact op met het Wmo-loket of het sociale wijkteam. De gemeente moet binnen zes weken na je melding onderzoeken wat oma nodig heeft. Meestal is dat een gesprek bij oma thuis. Jij of andere mantelzorgers mogen erbij zijn.
  2. Vraag om gratis cliëntondersteuning. Een onafhankelijke cliëntondersteuner helpt bij het gesprek en de aanvraag. De gemeente moet dit regelen en het is gratis.
  3. Bel een thuiszorgorganisatie als oma verpleging of verzorging nodig heeft. De wijkverpleegkundige bekijkt samen met jullie wat nodig is.
  4. Is thuis wonen niet meer veilig? Vraag dan een Wlz-indicatie aan bij het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ). Familie mag helpen met de aanvraag.
  5. Kies zorg in natura of een pgb. Met een persoonsgebonden budget (pgb) regel je de zorg zelf, bijvoorbeeld bij een zorgverlener die oma vertrouwt.

Wat kost het?

Voor de meeste Wmo-hulp betaal je in 2026 een vaste eigen bijdrage van € 21,80 per maand, ongeacht inkomen. Het CAK berekent de bijdrage. Gemeenten mogen een lagere bijdrage vragen. Het kabinet wil de eigen bijdrage vanaf 1 januari 2027 laten afhangen van inkomen en vermogen. Dat moet de Tweede en Eerste Kamer nog goedkeuren.

Hulp voor jou als mantelzorger

  • De gemeente moet mantelzorgers ondersteunen. Vraag naar respijtzorg: een vrijwilliger of zorgverlener neemt de zorg tijdelijk over, of oma gaat naar dagopvang of een logeerhuis.
  • Als waardering kun je bij je gemeente een mantelzorgcompliment aanvragen.
  • Werk je? Dan kun je zorgverlof opnemen. Met al je vragen over mantelzorg kun je terecht bij MantelzorgNL (mantelzorg.nl).

Zorg die past bij oma

Voor veel Molukse ouderen is zorg pas goed als er rekening wordt gehouden met hun taal, eten, geloof en geschiedenis. Vraag de gemeente en de zorgaanbieder daar gerust naar. Bijvoorbeeld: spreekt er iemand Maleis? Kan oma haar eigen eten krijgen? Is er ruimte voor kerkbezoek en familie? Met een pgb kun je ook zelf zorgverleners kiezen die oma kennen.

Er zijn ook verpleeghuizen, woonzorgcentra en woongroepen speciaal voor Indische en Molukse ouderen. Een kaart met alle locaties vind je in Verpleeghuis voor Molukse en Indische ouderen: waar vind je er een? Vraag ook in je wijk, kerk of moskee wat er bij jou in de buurt is.

Goed om te weten

  • Heeft oma de oorlog met Japan of de Bersiap meegemaakt? Dan kan zij via Stichting Pelita hulp krijgen van gespecialiseerde maatschappelijk werkers van het Nederlands Veteraneninstituut, voor Indische en Molukse oorlogsgetroffenen.
  • Was opa KNIL-militair? Bronbeek in Arnhem biedt huisvesting en verzorging aan oud-militairen, ook van het voormalige KNIL. Het Veteranenloket (088 334 00 00) helpt veteranen en hun familie.

Bronnen

Vorige
Vorige

Krijg ik vrij van mijn werk voor een Molukse begrafenis?

Volgende
Volgende

Last van wat mijn Molukse ouders of grootouders meemaakten: waar kan ik terecht?