Je ouders groeiden op in 'het kamp', maar welk kamp en waarom daar? Waar werden de Molukkers in 1951 gehuisvest? Het korte antwoord: in woonoorden. Dat waren oude kampen, kazernes, kloosters en vakantieoorden, vaak ver van dorpen en steden. Er waren er tientallen. Het zou tijdelijk zijn, maar veel gezinnen woonden er tien jaar of langer.
Molukse kamp Lunetten in Vught, voormalig concentratiekamp Vught, laatste barakkenkamp Zuid Molukkers. Fotograaf: Rob Bogaerts (Nationaal Archief)
Wat voor plekken waren het?
De overheid gebruikte wat er maar vrij was:
- voormalige concentratiekampen uit de Tweede Wereldoorlog, zoals Westerbork (woonoord Schattenberg) en Vught (woonoord Lunetten);
- legerkampen en kazernes;
- kloosters en oude landhuizen;
- werkkampen en vakantieoorden, zoals Lage Mierde aan de Belgische grens, waar vanaf eind 1954 achttien gezinnen woonden.
In 1953 woonden ongeveer 14.600 Molukkers in 56 woonoorden. In 1959 waren het er op het hoogtepunt 72. Over de hele periode tellen sommige bronnen er ongeveer 90.
Hoe was het leven er?
Gezinnen woonden in houten barakken, vaak met gedeelde was- en kookruimtes. De mannen mochten eerst niet betaald werken. Het Commissariaat Ambonezenzorg (CAZ) regelde eten, kleding, zakgeld, school en zorg. Contact met Nederlanders werd niet gestimuleerd: de regering ging ervan uit dat de Molukkers snel terug zouden gaan. In de grootste woonoorden, Lunetten en Schattenberg, woonden elk enkele duizenden mensen. Ze hadden eigen scholen, kerken, winkels en zelfs een ziekenhuis.
Ieder een eigen woonoord
Molukkers zijn geen eenheid. De meesten waren protestants en kwamen van Ambon, de Lease-eilanden en Seram. Er waren ook katholieke Molukkers, onder wie veel mensen van de Kei-eilanden en een kleine groep moslims. Na ruzies of op eigen verzoek kregen sommige groepen een eigen woonoord. De meeste islamitische Molukkers gingen bijvoorbeeld naar kamp Wyldemerk bij Balk in Friesland. Lees Zijn er Molukse moslims in Nederland? Ook politieke verschillen, bijvoorbeeld tussen aanhangers van verschillende RMS-organisaties, leidden soms tot verhuizingen.
Van woonoord naar Molukse wijk
Eind jaren vijftig besloot de regering dat de woonoorden moesten verdwijnen. Vanaf begin jaren zestig verhuisden de meeste gezinnen naar nieuwe Molukse wijken. Dat ging niet altijd vrijwillig. Een laatste groep in Schattenberg vertrok pas in 1971. Lunetten is het enige woonoord dat op dezelfde plek een Molukse wijk is gebleven. Lees ook Waarom zijn er Molukse wijken? en Waar staan alle Molukse wijken?
Wat kun je doen?
- Zoek in het archief. Het archief van het CAZ (Nationaal Archief, nummer 2.27.148) bevat stukken over de woonoorden en persoonsdossiers. Voor persoonsdossiers heb je toestemming nodig; voor je eigen ouders of grootouders lukt dat meestal.
- Bezoek een herinneringsplek. Herinneringscentrum Kamp Westerbork besteedt in 2026 extra aandacht aan Schattenberg. In Lunetten staat nog Barak 1, een rijksmonument.
- Vraag thuis door. In welk woonoord begon jouw familie? Met wie woonden ze in de barak?
Bronnen
- Inventaris van het archief van het Commissariaat van Ambonezenzorg, 2.27.148 (Nationaal Archief)
- Een ongemakkelijke geschiedenis (Nederlands Openluchtmuseum)
- 1951: Eerste Molukkers komen aan in Nederland (Nationaal Archief)
- Themajaar 2026: Schattenberg (Herinneringscentrum Kamp Westerbork)
- Molukkers kamp Wyldemerk (Geschiedenis van Gaasterland)
- Rellenschoppers in actie na ontruiming barakken (Reformatorisch Dagblad, 4 november 1981)

Vivamus pellentesque vitae neque at vestibulum. Donec efficitur mollis dui vel pharetra.